Bidden op iedere plaats

Ik vermaan u dan allereerst smekingen, gebeden, voorbeden en dankzeggingen te doen voor alle mensen, voor koningen en alle hooggeplaatsten, opdat wij een stil en rustig leven mogen leiden in alle godsvrucht en waardigheid. (1 Tim 2:1-2)

Van de week las ik een hoofdstuk uit het boek ‘Verander je stad!’ van Ed Silvoso. Sinds een paar weken bid ik iedere week een uur voor onze stad, en soms vind ik het best zoeken hoe ik dit invul. De uitleg van Ed Silvoso raakte me en ik hoop jullie ook!

Paulus geeft in de bovenstaande tekst en de verzen eromheen een tip voor gezamenlijke en persoonlijke gebedstijden. Hij geeft hier een gebedsstrategie voor de stad weer, namelijk: ‘Ik wil dat de mannen op iedere plaats bidden!’ (1 Tim 2:8) Dit gedeelte is de essentie van evangelisatie, zoals die in de eerste gemeente beoefend werd. Dus dat er op iedere plaats door allerlei personen gebeden werd.

Waarvoor baden de mensen dan:

  1. Voor alle mensen: De eerste opdracht was dat er voor iedereen in de stad gebeden werd. Wat betekent dit voor Den Haag? Dat er voor alle 500.000 inwoners gebeden wordt. Volgens mij hebben we nog wat te doen.
  2. Bid voor koningen en hooggeplaatsten. In onze stad kun je dit vertalen met de burgemeester, wethouders, hoofd van de politie, brandweercommandant, hoofdredacteur van de plaatselijke kranten, kortom, alle mensen die het leven in onze stad op een of andere wijze vormgeven. Waarom bidden voor deze mensen?
    1. Als een vuilnisman een container ramt, dan moet er een nieuwe container aangeschaft worden. Maar als de burgemeester of het hoofd van de politie een fout maakt, dan lijdt de hele stad eronder.
    2. Niemand weet beter hoe beperkt menselijke oplossingen zijn, dan gezagsdragers. Zij worden geacht problemen op te lossen, waar menselijkerwijs gesproken geen oplossingen voor zijn. Ze beseffen dat bovennatuurlijke tussenkomst noodzakelijk is om deze problemen op te lossen. Daarom is het zo belangrijk dat we als Gemeente onze positie innemen en voorbede doen voor onze leiders en dit ook aan hen laten weten. Vanwege het besef van onmacht om invloed uit te oefenen op belangrijke gebeurtenissen staan ze heel vaak open voor gebed. En als wij niet opstaan, gaan ze het op andere plekken zoeken.
    3. Demonische machten oefenen invloed uit op hooggeplaatsten. Zoals een klimop zich aan de muur hecht, zo hechten demonische legers zich aan mensen met hoge posities (zoals Egyptische farao, Achab en Izebel, Sergius Paulus (Hand 13:7)). Als het om geestelijke oorlogsvoering gaat in onze stad, dan treffen we daar de strijd. Het is belangrijk dat het leger van God zijn positie aan het front gaat innemen.

Als we voor alle mensen bidden en voor koningen en hooggeplaatsten is het meer dan alleen maar hun namen noemen. God is hen niet vergeten en hoeft net aan hen herinnert te worden. Om effectief voor hen te kunnen bidden, is het nodig te weten waar ze wonderen in nodig hebben. Dus ga naar ze toe en vraag waar je voor mag bidden. Iedereen heeft wel menselijkerwijs gezien onmogelijkheden in zijn/haar leven.

Ed Silvoso benoemt in zijn boek allemaal voorbeelden van wonderen die gebeurd zijn, toen ze als Gemeente gingen bidden voor hooggeplaatsten, zoals grote veranderingen in strafinrichtingen, en hooggeplaatsten die advies kwamen vragen aan bidders omdat ze wisten dat zij bovennatuurlijke wijsheid hebben. Een aanrader om te lezen!

Laten we daar met elkaar voor gaan: vragen naar waar de ander wonderen nodig hebben en God daarin uitnodigen. Ik ben zo verwachtingsvol!

Hannah